ECLI:NL:RVS:2017:1981
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- A.B.M. Hent
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Vreemdeling afgewezen verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende risico op besnijdenis en voldoende hervestigingsmogelijkheden in Nigeria
De vreemdeling, afkomstig uit Nigeria en behorend tot de Edo bevolkingsgroep, verzocht om een verblijfsvergunning asiel vanwege een reëel risico op vrouwelijke genitale verminking (besnijdenis) voor haarzelf en haar dochter bij terugkeer naar Nigeria.
De rechtbank had het besluit van de staatssecretaris tot afwijzing vernietigd, stellende dat de staatssecretaris onvoldoende had gemotiveerd dat de vreemdeling en haar dochter zich in Nigeria konden handhaven en dat er een reëel risico op besnijdenis bestond.
De staatssecretaris stelde in hoger beroep dat de vreemdeling onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de bedreigingen van een persoon haar daadwerkelijk zouden treffen en dat zij in staat was een sociaal netwerk op te bouwen en hulp te zoeken bij instanties zoals NAPTIP. De Raad van State oordeelde dat de rechtbank onvoldoende rekening had gehouden met deze motieven en dat de staatssecretaris terecht had geoordeeld dat de vreemdeling zich met haar dochter in Nigeria kan handhaven zonder het risico op besnijdenis.
Het hoger beroep van de staatssecretaris werd gegrond verklaard, het incidenteel hoger beroep van de vreemdeling ongegrond, en de uitspraak van de rechtbank vernietigd. Het beroep tegen het besluit werd alsnog ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.