ECLI:NL:RVS:2017:2001
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Rucphen wegens onvoldoende beperking bedrijfswoning en opslag
De raad van de gemeente Rucphen stelde op 28 september 2016 een gewijzigd bestemmingsplan vast voor een perceel aan locatie 1, waarin een hoveniersbedrijf met bedrijfswoning en een loods werd toegestaan. Appellanten, eigenaren van aangrenzende percelen, stelden beroep in tegen dit besluit vanwege mogelijke geluidsoverlast, waardevermindering en verlies van uitzicht.
De Raad van State oordeelde dat het beroep van appellant sub 1 deels niet-ontvankelijk was omdat geen zienswijze was ingediend tegen het ontwerpplan. Wel was het beroep ontvankelijk voor zover het nadelige wijzigingen betrof. De Afdeling stelde vast dat het plan onzorgvuldig was vastgesteld omdat het gebruik van gronden bij de aanduiding 'bedrijfswoning' niet beperkt was tot het gebruik ten behoeve van de bedrijfswoning, in strijd met de beoogde planregels.
Ten aanzien van appellant sub 2 oordeelde de Afdeling dat het bouwvlak voor de loods voldoende rekening hield met zijn belangen, maar dat het toestaan van bouwwerken en opslag buiten het bouwvlak onvoldoende was gemotiveerd en in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel. De Afdeling vernietigde deze onderdelen van het plan en droeg de raad op binnen 26 weken een nieuw besluit te nemen.
De raad werd tevens veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierechten aan appellanten. De uitspraak benadrukt het belang van zorgvuldige motivering en beperking van gebruiksrechten in bestemmingsplannen.
Uitkomst: Het bestemmingsplan is op onderdelen vernietigd en de raad is opgedragen een nieuw besluit te nemen.