ECLI:NL:RVS:2017:2069
Raad van State
- Hoger beroep
- D.J.C. van den Broek
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing beroepsmatig gebruik woning als administratiekantoor zonder permanente bewoning
Het college van burgemeester en wethouders van Bergen op Zoom legde een last onder dwangsom op aan [wederpartij] vanwege het beroepsmatig gebruik van zijn woning als administratiekantoor zonder dat hij er permanent woonde. Het college stelde dat dit gebruik strijdig was met het bestemmingsplan, dat beroepsmatige activiteiten in een woning alleen toestaat bij permanente bewoning.
De rechtbank oordeelde echter dat het beroepsmatig gebruik niet in strijd was met het bestemmingsplan, omdat het college niet aannemelijk had gemaakt dat het gebruik een groter oppervlak besloeg dan toegestaan en dat het gebruik de woonfunctie van het gebouw niet uitsloot. Het college ging hiertegen in hoger beroep.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Zij oordeelde dat de planregels niet voorschrijven dat beroepsmatige activiteiten alleen zijn toegestaan bij permanente bewoning. Ook was niet vastgesteld dat het oppervlak van het beroepsmatige gebruik de toegestane 50 m2 overschreed. Het college kon daarom niet handhavend optreden. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en het college werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep van het college wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.