ECLI:NL:RVS:2019:2752
Raad van State
- Hoger beroep
- W.D.M. van Diepenbeek
- J. Kramer
- A. ten Veen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering omgevingsvergunning voor burgerwoning met aan huis verbonden bedrijf op bedrijventerrein
Het college van burgemeester en wethouders van Overbetuwe weigerde een omgevingsvergunning aan [appellante] voor het gebruik van een pand op een bedrijventerrein als burgerwoning met een aan huis verbonden bedrijfsmatige activiteit. De rechtbank Gelderland verklaarde het beroep van [appellante] tegen deze weigering ongegrond. Tegen deze uitspraak stelde [appellante] hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling bevestigt dat de aanvraag moet worden gezien als een verzoek om vergunning voor het gebruik van het pand als burgerwoning met aan huis verbonden bedrijfsmatige activiteiten, waarbij het gebruik als burgerwoning in strijd is met het bestemmingsplan. De Afdeling oordeelt dat het niet mogelijk is om voor slechts een deel van de aangevraagde activiteit een vergunning te verlenen, omdat het handelen in strijd met het bestemmingsplan als één aanvraag moet worden beschouwd.
Hoewel de rechtbank ten onrechte niet heeft beoordeeld of het college in redelijkheid de vergunning kon weigeren, oordeelt de Afdeling dat het college de weigering in redelijkheid heeft kunnen baseren op de beleidsregel van de gemeente Overbetuwe en het advies van de Omgevingsdienst Regio Arnhem. De nabijheid van bedrijven met hogere milieucategorieën en de niet-naleving van richtafstanden uit de VNG-brochure rechtvaardigen de weigering om het woon- en leefklimaat en de bedrijfsactiviteiten van omliggende bedrijven te beschermen.
De Afdeling verklaart het hoger beroep ongegrond en bevestigt de uitspraak van de rechtbank, met verbetering van de gronden. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de omgevingsvergunning bevestigd.