ECLI:NL:RVS:2017:2163
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- R. van der Spoel
- A.B.M. Hent
- Rechtspraak.nl
Vreemdeling in bewaring onrechtmatig door termijnoverschrijding uitspraak
De vreemdeling werd op 6 mei 2017 in vreemdelingenbewaring gesteld. De rechtbank Den Haag verklaarde op 24 mei 2017 het beroep van de vreemdeling tegen deze bewaring ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af. De vreemdeling stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelde dat de rechtbank de uitspraaktermijn van artikel 94, vijfde lid, van de Vreemdelingenwet 2000 had overschreden. De uitspraak had uiterlijk op 23 mei 2017 moeten plaatsvinden, maar werd pas op 24 mei 2017 gedaan. Deze overschrijding leidde tot onrechtmatigheid van de bewaring vanaf 24 mei 2017. Er waren geen omstandigheden die deze overschrijding rechtvaardigden.
De Afdeling vernietigde daarom de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en kende een vergoeding toe over de periode van 24 mei tot 12 juni 2017, de dag waarop de bewaring werd opgeheven. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De bewaring van de vreemdeling was onrechtmatig door overschrijding van de uitspraaktermijn, het beroep wordt gegrond verklaard en een vergoeding toegekend.