ECLI:NL:RVS:2017:2208
Raad van State
- Hoger beroep
- J.C. Kranenburg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing tegemoetkoming planschade na wijziging bestemmingsplan Wientjesvoort-Noord
Appellante, eigenaar van een landgoed met woning te Vorden, verzocht het college om een tegemoetkoming in planschade naar aanleiding van het bestemmingsplan "Wientjesvoort-Noord" dat in 2010 in werking trad. Dit plan wijzigde de bestemming van omliggende gronden, met onder meer nieuwe woon- en recreatiebestemmingen. Appellante stelde dat deze wijziging leidde tot waardevermindering van haar landgoed door toename van verstening, verlies van privacy en geluidoverlast.
Het college wees het verzoek af en handhaafde dit besluit na bezwaar. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond. In hoger beroep betoogde appellante onder meer dat de bestemmingsplanprocedure niet correct was doorlopen en dat het advies van de onafhankelijke deskundige SAOZ onvolledig was, met onvoldoende rekening gehouden met de Ecologische Hoofdstructuur en de beschermde status van haar landgoed.
De Raad van State oordeelde dat het bestemmingsplan onherroepelijk is en dat de procedurele bezwaren in deze planschadeprocedure niet aan de orde kunnen komen. Het advies van de SAOZ was objectief en inzichtelijk, waarbij de planologische mogelijkheden van het oude en nieuwe plan waren vergeleken. De Raad stelde vast dat de feitelijke situatie niet doorslaggevend is, maar het maximale gebruik volgens het oude planologisch regime. Subjectieve beleving van appellante speelt geen rol. De Raad bevestigde daarmee het oordeel van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek om tegemoetkoming in planschade wordt bevestigd.