ECLI:NL:RVS:2017:2288
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- J.A. Hagen
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdverklaring Raad van State in hoger beroep Uitkeringsregeling Backpay
Bij besluit van 28 juni 2016 wees de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport de aanvraag van appellant, namens de erfgenamen van erflater, om een eenmalige uitkering uit hoofde van de Uitkeringsregeling Backpay af. Na een ongegrond verklaard bezwaar en een afwijzende uitspraak van de rechtbank Den Haag, stelde appellant hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De kern van de zaak betrof de vraag welke rechter bevoegd is om het hoger beroep te behandelen. Hoewel artikel 8:105, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) in beginsel de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State als bevoegde hogerberoepsrechter aanwijst, bleek de Uitkeringsregeling Backpay een duidelijke verwantschap te vertonen met regelingen die onder de rechtsmacht van de Centrale Raad van Beroep (CRvB) vallen.
De Afdeling concludeerde daarom dat zij niet bevoegd is om kennis te nemen van het hoger beroep en verklaarde zich onbevoegd. Het hogerberoepschrift wordt doorgezonden aan de CRvB. Tevens werd het betaalde griffierecht van €250 terugbetaald aan appellant. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het hoger beroep en verwijst de zaak door naar de Centrale Raad van Beroep.