ECLI:NL:CRVB:2018:3
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. Van Vulpen-Grootjans
- J.N.A. Bootsma
- M. Kraefft
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag eenmalige uitkering Uitkeringsregeling Backpay
Appellant heeft als erfgenaam van zijn vader een aanvraag gedaan voor een eenmalige uitkering op grond van de Regeling Backpay, bedoeld voor ambtenaren en militairen die tijdens de Japanse bezetting van Nederlands-Indië geen of onvolledig salaris ontvingen. De aanvraag werd afgewezen omdat de belanghebbende vóór de peildatum 15 augustus 2015 was overleden.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat de regeling niet discrimineert en dat de peildatum gerechtvaardigd is. Appellant voerde in hoger beroep aan dat de regeling in strijd is met verschillende wetten en het gelijkheidsbeginsel, en dat de peildatum discriminerend is.
De minister stelde dat de regeling buitenwettelijk is en op morele gronden een finale tegemoetkoming biedt aan een beperkte groep. De peildatum is gekozen als redelijk criterium. De Raad bevestigt de bevoegdheid van de Centrale Raad van Beroep en stelt vast dat toetsing beperkt is tot consistentie van het beleid.
De Raad oordeelt dat de minister het beleid consistent heeft toegepast en dat er geen ruimte is voor toetsing van de redelijkheid van de peildatum of het gelijkheidsbeginsel. Het hoger beroep wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van de aanvraag op grond van de peildatum bevestigd.