ECLI:NL:RVS:2017:2405
Raad van State
- Hoger beroep
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning dakkapel ondanks bezwaar over welstand en bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Maasgouw verleende een omgevingsvergunning voor het legaliseren van een dakkapel op het achterdakvlak van een woning te Ohé en Laak. Appellante, wonend naast het perceel, maakte bezwaar tegen de vergunning vanwege de omvang van het vensteroppervlak en het uitzicht op haar dakterras. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigt deze uitspraak.
De Afdeling oordeelt dat de ruimte boven de garage, waarop de dakkapel is gebouwd, op basis van de bouwvergunning uit 1999 als bijgebouw moet worden aangemerkt en geen onderdeel uitmaakt van het hoofdgebouw. Dit betekent dat de afstandsregels voor hoofdgebouwen niet van toepassing zijn en de dakkapel niet in strijd is met het bestemmingsplan.
Verder is overwogen dat het college zich terecht heeft gebaseerd op het positieve advies van de omgevingscommissie, ondanks dat het bouwplan niet aan alle sneltoetscriteria uit de welstandsnota voldoet. Het deskundigenrapport dat door appellante is overgelegd, geeft geen aanleiding om het college te verwijten dat het welstandsadvies is gevolgd. De dakkapel is bovendien nauwelijks zichtbaar vanuit de openbare ruimte.
Gelet op deze overwegingen faalt het hoger beroep en wordt de aangevallen uitspraak bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de omgevingsvergunning voor de dakkapel wordt bevestigd.