ECLI:NL:RVS:2017:2498
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdeling tijdens hoger beroep verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris heeft op 10 oktober 2016 een aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen afgewezen. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, dat op 27 juli 2017 ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om niet-uitzetting tot de beslissing op het hoger beroep toe te wijzen, mede gelet op eerdere jurisprudentie (ECLI:NL:RVS:2016:3350). Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van €495,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter A.W.M. Bijloos op 15 september 2017, waarbij tevens werd bepaald dat de vreemdeling gedurende de periode van het hoger beroep opvang en verstrekkingen op grond van de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers kan ontvangen.
Uitkomst: De vreemdeling wordt niet uitgezet totdat op het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.