ECLI:NL:RVS:2017:2648
Raad van State
- Hoger beroep
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing handhavingsverzoek gebruik panden Gelderse Rooslaan Arnhem
Het college van burgemeester en wethouders van Arnhem heeft bij besluit van 29 juni 2015 het verzoek van wederpartij om handhavend op te treden tegen het gebruik van panden aan de Gelderse Rooslaan 2, 4, 6 en 8 te Arnhem afgewezen. Wederpartij maakte bezwaar tegen dit besluit, dat op 1 december 2015 ongegrond werd verklaard. De rechtbank Gelderland verklaarde het beroep van wederpartij gegrond, vernietigde het besluit op bezwaar en herroept het oorspronkelijke besluit.
Het college stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft de zaak behandeld en overwogen dat de rechtbank ten onrechte niet had onderkend dat wederpartij geen procesbelang meer had bij de inhoudelijke beoordeling van het beroep, omdat de panden sinds 1 september 2016 niet meer werden gebruikt voor de huisvesting van alleenstaande minderjarige vreemdelingen.
Omdat wederpartij niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij schade heeft geleden door het bestreden besluit, ontbreekt het aan procesbelang. De Afdeling verklaart het hoger beroep van het college gegrond, vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep van wederpartij niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van wederpartij wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang.