ECLI:NL:RVS:2017:3081
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- E. Steendijk
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Vaststelling onvoldoende inspanningen ouders voor verkrijgen Armeens paspoort bij vreemdelingenverblijfsvergunning
De zaak betreft het hoger beroep van de staatssecretaris tegen een uitspraak van de rechtbank die de afwijzing van aanvragen voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd aan minderjarige vreemdelingen vernietigde. De vreemdelingen, minderjarig en verblijvend bij hun ouders, hadden geen geldig paspoort kunnen overleggen. De ouders, etnische Armeniërs met respectievelijk Armeense en Azerbeidzjaanse nationaliteit, beschikten zelf ook niet over geldige paspoorten. Het geschil spitste zich toe op de vraag of de ouders zich voldoende hadden ingespannen om een Armeens paspoort te verkrijgen.
De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris zijn standpunt onvoldoende had gemotiveerd, mede op basis van een certificaat waaruit bleek dat geen paspoortafgifte van de moeder bekend was in het Armeense register. De Raad van State oordeelde echter dat de staatssecretaris terecht had gesteld dat de moeder recentelijk geen pogingen had ondernomen om een paspoort te verkrijgen en dat de bewijslast bij de vreemdelingen lag om aan te tonen dat zij niet in het bezit konden worden gesteld van een paspoort. Ook voor de vader was onvoldoende gemotiveerd dat hij geen inspanningen hoefde te verrichten.
Verder werd geoordeeld dat de staatssecretaris in zijn belangenafweging in het kader van artikel 8 EVRM Pro alle relevante feiten, waaronder een brief van een jeugd- en gezinsbeschermer, had betrokken en dat er geen objectieve belemmering was om het familie- en gezinsleven buiten Nederland voort te zetten. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdelingen ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdelingen wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de verblijfsvergunning wordt gehandhaafd.