ECLI:NL:RVS:2017:3108
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning voor bouwen garage ondanks bezwaren buurvrouw
Het college van burgemeester en wethouders van Zederik verleende op 21 mei 2015 een omgevingsvergunning aan een vergunninghouder voor het bouwen van een garage op een perceel te Lexmond. De buurvrouw, wonend op het aangrenzende perceel, maakte bezwaar tegen deze vergunning, dat door het college en later door de rechtbank werd afgewezen.
De buurvrouw stelde onder meer dat de vergunning onrechtmatig was vanwege schade aan haar woning door heiwerkzaamheden en andere bezwaren zoals het dempen van een sloot en het oprichten van een woonhuis. De rechtbank oordeelde dat deze bezwaren buiten de reikwijdte van de procedure vielen en dat er geen aanwijzingen waren voor partijdigheid van het college.
De Raad van State bevestigt deze beoordeling en oordeelt dat de bezwaren onvoldoende zijn onderbouwd om de vergunning te vernietigen. De afstand tussen de garage en de woning van de buurvrouw en de beperkte omvang van het bouwwerk maken dat er geen reden is om voorschriften te verbinden aan de vergunning ter voorkoming van schade. De buurvrouw kan eventuele schade achteraf verhalen op de vergunninghouder.
Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt bekrachtigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de omgevingsvergunning voor het bouwen van de garage wordt bevestigd.