ECLI:NL:RVS:2017:3435
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.D.M. van Diepenbeek
- J. Hoekstra
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Rodenburg wegens onvoldoende borging waterhuishoudkundige voorzieningen
De raad van de gemeente Bernheze stelde op 9 maart 2017 het bestemmingsplan Rodenburg vast, dat de bouw van maximaal 150 woningen mogelijk maakt nabij Heeswijk-Dinther. Appellanten, bewoners en grondeigenaren in de directe omgeving, maakten bezwaar tegen het plan vanwege onder meer mogelijke aantasting van het woon- en leefklimaat, wateroverlast, verkeersveiligheid en effecten op de pluimveehouderij.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het plan getoetst aan het recht, met bijzondere aandacht voor de toepassing van de ladder voor duurzame verstedelijking, gemeentelijk beleid, eigendomssituatie, waterhuishoudkundige voorzieningen, volksgezondheid, bouwhoogte, verkeer en parkeren. De meeste bezwaren zijn verworpen omdat de raad zich redelijk heeft gemotiveerd en de belangen heeft afgewogen.
Echter, de Afdeling oordeelt dat de raad onvoldoende heeft gewaarborgd dat de aanleg en instandhouding van waterhuishoudkundige voorzieningen op eigen terrein van toekomstige woningen wordt verzekerd. Omdat deze voorzieningen noodzakelijk zijn voor de ruimtelijke aanvaardbaarheid van het plan, vernietigt de Afdeling het besluit voor zover deze borging ontbreekt. De raad wordt opgedragen dit in het plan te verwerken. Tevens wordt de gemeente veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan appellanten die het beroep gegrond hebben verklaard.
Uitkomst: Het bestemmingsplan Rodenburg wordt gedeeltelijk vernietigd wegens onvoldoende borging van waterhuishoudkundige voorzieningen; de gemeente wordt veroordeeld tot proceskostenvergoeding.