ECLI:NL:RVS:2017:452
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- J.J. van Eck
- C.M. Wissels
- Rechtspraak.nl
Vaststelling samenhangende strafzaken bij vergoeding rechtsbijstand
De zaak betreft een geschil over de vergoeding voor rechtsbijstand verleend aan meerdere verdachten in strafzaken over openlijke geweldpleging. De raad voor rechtsbijstand had de vergoeding herzien en samengevoegd op basis van samenhangende strafzaken. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van een van de rechtsbijstandverleners niet-ontvankelijk en oordeelde dat er geen sprake was van verknochtheid tussen de zaken van verschillende verdachten.
In hoger beroep stelt de raad dat de rechtbank een te strikte uitleg gaf aan het begrip verknochtheid in artikel 21 van Pro het Besluit vergoedingen rechtsbijstand 2000. De Raad van State bevestigt dat zaken niet identiek hoeven te zijn om verknocht te zijn, mits er een inhoudelijke samenhang is. De drie strafzaken betroffen eenzelfde feitencomplex, werden gelijktijdig behandeld en de verdachten vormden één partij zonder tegengestelde belangen.
De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank Amsterdam en verklaart het beroep van de rechtsbijstandverlener ongegrond, waarmee de vergoeding van de raad voor rechtsbijstand wordt bevestigd. Tevens wordt het besluit van 30 maart 2016 vernietigd omdat de grondslag daarvan is komen te vervallen. Er is geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van de rechtsbijstandverlener wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak van de rechtbank vernietigd.