ECLI:NL:RVS:2017:486
Raad van State
- Hoger beroep
- R.J.J.M. Pans
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit Belastingdienst over kinderopvangtoeslag 2010 wegens onjuiste vaststelling betaling
Appellant maakte in 2010 gebruik van gastouderopvang en vroeg kinderopvangtoeslag aan. De Belastingdienst stelde de toeslag definitief op nihil, stellende dat appellant niet had aangetoond de kosten volledig te hebben voldaan.
De rechtbank bevestigde dit standpunt en wees op het vereiste dat kosten ten tijde van de opvang of kort daarna betaald moeten zijn. Appellant had echter contante betalingen gedaan en een betalingsregeling getroffen, ondersteund door kwitanties en bankafschriften.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat appellant voldoende bewijs had geleverd dat de kosten daadwerkelijk waren betaald, waardoor het besluit van de Belastingdienst onjuist was. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, het eerdere besluit vernietigd en de Belastingdienst veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het besluit van de Belastingdienst om de kinderopvangtoeslag 2010 op nihil te stellen wordt vernietigd omdat appellant voldoende heeft aangetoond dat de kosten daadwerkelijk zijn betaald.