ECLI:NL:RVS:2017:559
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- H. Troostwijk
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing verblijfsvergunning asiel en inreisverbod
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie wees op 3 november 2016 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af, legde hem een vertrekopdracht op en vaardigde een inreisverbod uit. De vreemdeling stelde beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 1 december 2016 het besluit vernietigde en de staatssecretaris opdroeg een nieuw besluit te nemen.
De staatssecretaris ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling onderzocht onder meer de aanwijzing van Marokko als veilig land van herkomst en oordeelde dat deze terecht was. De vreemdeling had onvoldoende aannemelijk gemaakt dat Marokko in zijn geval niet veilig was, ondanks zijn vrees om bescherming te zoeken vanwege mogelijke inzet als infiltrant.
Verder werd beoordeeld of het onthouden van een vertrektermijn en het opleggen van het inreisverbod disproportioneel was. De vreemdeling bracht geen individuele omstandigheden aan die dit zouden rechtvaardigen. De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank wordt vernietigd.