ECLI:NL:RVS:2017:947
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- H. Troostwijk
- C.M. Wissels
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Vernietiging intrekkingsbesluit exploitatievergunning coffeeshop wegens rechtsgevolgen verval vergunning
De burgemeester van Delft had op 8 november 2013 de exploitatievergunning van een coffeeshop ingetrokken vanwege het niet langer gedogen van softdrugsverkoop. Na bezwaar en beroep werd dit besluit door de rechtbank en later door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State aangevochten.
De Afdeling oordeelde dat de vergunning ten tijde van het intrekkingsbesluit al van rechtswege was vervallen op grond van artikel 2:27g van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV), omdat de feitelijke exploitatie was overgegaan op een andere onderneming dan de vergunninghouder. Hierdoor was intrekking van de vergunning niet mogelijk.
De Afdeling verwierp ook de bezwaren van appellant dat het verval van de vergunning in strijd zou zijn met het rechtszekerheidsbeginsel en het eigendomsrecht zoals beschermd in het EVRM. De regeling is voorzien bij wet, dient een algemeen belang en is proportioneel.
Het beroep werd gegrond verklaard, het intrekkingsbesluit vernietigd en het oorspronkelijke besluit van 8 november 2013 herroepen. De burgemeester werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan appellant. Hoewel het beroep gegrond is verklaard, beschikt appellant niet langer over een exploitatievergunning voor de coffeeshop.
Uitkomst: Het intrekkingsbesluit van de exploitatievergunning is vernietigd omdat de vergunning ten tijde van het besluit van rechtswege was vervallen.