ECLI:NL:RVS:2018:102
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- F.C.M.A. Michiels
- E.J. Daalder
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving wegens brandonveilige situatie en strijdig gebruik logiesgebouw in woning
Het algemeen bestuur en het college legden spoedeisende bestuursdwang op vanwege een brandonveilige situatie en het gebruik van een pand als logiesgebouw zonder vereiste omgevingsvergunning. Het pand werd gebruikt als bed & breakfast met vijf kamers, wat in strijd was met het bestemmingsplan en brandveiligheidseisen.
De rechtbank vernietigde het besluit deels, maar handhaving bleef in stand voor bepaalde delen. Appellanten stelden in hoger beroep dat er geen spoedeisende situatie was, de last onder dwangsom onduidelijk was, en dat handhaving onevenredig was. Ook voerden zij aan dat het gelijkheidsbeginsel werd geschonden en dat het bestuursorgaan onrechtmatig handelde.
De Afdeling oordeelde dat het college terecht een spoedeisende situatie aannam vanwege het ontbreken van brandmeld- en ontruimingsinstallaties. De last onder dwangsom was duidelijk en niet te verstrekkend. Er was geen concreet zicht op legalisering, en handhaving was niet onevenredig gezien het algemeen belang en de veiligheid. Ook was er geen sprake van détournement de pouvoir of schending van het gelijkheidsbeginsel.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.