ECLI:NL:RVS:2018:1028
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging intrekkingsbesluit drank- en horecavergunning wegens onvoldoende motivering ernstig gevaar
De burgemeester van Tilburg trok op 7 juni 2017 de drank- en horecavergunning en exploitatievergunning van appellant in, mede op basis van een negatief advies van het Bureau bibob dat een ernstig gevaar zag vanwege een zakelijk samenwerkingsverband met een persoon met strafrechtelijke antecedenten.
Appellant maakte bezwaar en stelde dat het samenwerkingsverband was verbroken. De burgemeester handhaafde het besluit, waarna appellant tegen deze beslissing in beroep ging. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt anders.
De Afdeling stelt vast dat appellant aannemelijk heeft gemaakt dat het zakelijk samenwerkingsverband is verbroken vóór het besluit van 8 december 2017. De burgemeester heeft onvoldoende gemotiveerd dat het verleden nog een ernstig gevaar oplevert. Daarom wordt het besluit vernietigd en wordt de burgemeester opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze overwegingen.
Tot slot wordt het eerdere besluit van voorlopige voorziening geschorst en wordt de burgemeester veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan appellant.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de vergunningen wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering van het ernstig gevaar.