ECLI:NL:RVS:2018:1038
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- A.B.M. Hent
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Afwijzing hoger beroep inzake openbaarmaking informatie op grond van de Wob
De appellant verzocht op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) om openbaarmaking van diverse documenten en beslissingen van de korpschef van politie, die deze verzoeken afwees. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant gegrond, vernietigde het besluit van 7 november 2016 en beval een nieuw besluit binnen vier weken.
De korpschef nam vervolgens een nieuw besluit op 3 juli 2017, waarop appellant hoger beroep instelde. De Afdeling bestuursrechtspraak behandelde het hoger beroep, waarbij appellant diverse procedurele en inhoudelijke bezwaren aanvoerde, waaronder vermeende vooringenomenheid van de rechter en onjuiste toepassing van beslistermijnen.
De Afdeling oordeelde onder meer dat de ingebrekestelling van appellant prematuur was, dat de korpschef bevoegd was tot opschorting en verdaging van beslistermijnen, en dat de rechtbank terecht geen bestuurlijke lus toepaste. Het beroep tegen het besluit van 3 juli 2017 werd niet-ontvankelijk verklaard omdat de korpschef het besluit had ingetrokken en appellant geen belang meer had bij inhoudelijke beoordeling.
Het verzoek om schadevergoeding wegens onrechtmatig besluit en handelen werd afgewezen omdat onvoldoende feiten waren gesteld en de procedure nog niet was afgerond. De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond, het beroep tegen het besluit van 3 juli 2017 niet-ontvankelijk en wees het verzoek om schadevergoeding af.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard, het beroep tegen het besluit van 3 juli 2017 niet-ontvankelijk en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.