ECLI:NL:RVS:2018:1368
Raad van State
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Intrekking subsidie wegens onbevoegde vertegenwoordiging en bestuurlijke lus
De zaak betreft het hoger beroep van appellant tegen de intrekking van een op grond van de Subsidieverordening Natuur- en Landschapsbeheer Zeeland (SNL) verleende subsidie en de terugvordering van reeds uitbetaalde bedragen.
Appellant had een stichting gemachtigd om hem te vertegenwoordigen bij de subsidieaanvraag. Deze stichting was vertegenwoordigd door gemachtigde, die later uit dienst trad. Het college trok de subsidie in op basis van een intrekking door deze gemachtigde, die appellant niet persoonlijk had gemachtigd.
De rechtbank had geoordeeld dat het college terecht op de volmacht mocht vertrouwen, maar de Raad van State stelde vast dat het college wist dat de gemachtigde niet langer bevoegd was en dat de volmacht aan de stichting was verleend, niet aan de persoon van de gemachtigde. Hierdoor was het besluit tot intrekking onrechtmatig.
De Afdeling bestuursrechtspraak draagt het college op binnen twaalf weken het besluit van 3 augustus 2015 alsnog toereikend te motiveren of een nieuw besluit te nemen, waarbij ook de mogelijke strijdigheid tussen SNL- en SKNL-subsidies nader moet worden onderzocht.
Uitkomst: Het college wordt opgedragen het besluit tot intrekking van de subsidie binnen twaalf weken opnieuw te motiveren of een ander besluit te nemen.