ECLI:NL:RVS:2018:1622
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging besluit kinderopvangtoeslag en niet-ontvankelijkheid bezwaar
De Belastingdienst/Toeslagen had de kinderopvangtoeslag van appellante over 2012 definitief vastgesteld op nihil en een bedrag van €9.153,00 teruggevorderd. Appellante maakte bezwaar tegen deze vaststelling, dat door de Belastingdienst/Toeslagen ongegrond werd verklaard. De rechtbank vernietigde dit besluit omdat het bezwaar ten onrechte ontvankelijk was verklaard en verklaarde het bezwaar tegen de brief van 8 januari 2016 niet-ontvankelijk.
Appellante stelde in hoger beroep dat het onderzoek onvoldoende was, de uitspraak onvoldoende gemotiveerd en de rechtbank onjuist had geoordeeld dat de brief van 8 januari 2016 geen nieuw besluit was. De Raad van State overwoog dat een herhaald besluit slechts een besluit is indien het nieuwe rechtsgevolgen teweegbrengt, wat hier niet het geval was.
De Raad van State bevestigde dat de rechtbank terecht het bezwaar niet-ontvankelijk verklaarde en dat de rechtbank bevoegd was zelf in de zaak te voorzien. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.