ECLI:NL:RVS:2018:1842
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.T.J.M. Jurgens
- Rechtspraak.nl
Reactieve aanwijzing tegen wijzigingsbevoegdheid tweede bedrijfswoning in bestemmingsplan Buitengebied 2016
Het college van gedeputeerde staten van Utrecht gaf een reactieve aanwijzing aan de raad van de gemeente Bunschoten, gericht op het schrappen van artikel 3, lid 3.6.8, uit het bestemmingsplan "Buitengebied 2016". Deze wijzigingsbevoegdheid maakte de bouw van een tweede bedrijfswoning binnen een agrarisch bouwvlak mogelijk. Het college stelde dat deze bevoegdheid in strijd was met artikel 2.1, vierde lid, van de Provinciale Ruimtelijke Verordening Herijking 2016 (PRV), die per agrarisch bouwperceel maximaal één bedrijfswoning toestaat.
De raad voerde aan dat de PRV geen absoluut verbod op een tweede bedrijfswoning bevat en dat de wijzigingsbevoegdheid een uitzondering op de hoofdregel is. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde echter dat de PRV een absoluut verbod inhoudt en dat de wijzigingsbevoegdheid daarmee strijdig is. Het college mocht het provinciaal belang bij het voorkomen van verstedelijking en het beschermen van agrarische bedrijfsvoering in redelijkheid betrekken.
De raad stelde verder dat de wijzigingsbevoegdheid slechts in uitzonderingsgevallen wordt gebruikt en dat er geen noodzaak is voor een reactieve aanwijzing. De Afdeling volgde het college dat de noodzaak van een tweede bedrijfswoning niet duurzaam is en dat de wijzigingsbevoegdheid kan leiden tot ongewenste verstedelijking. Ook de mogelijkheid van het college om tegen concrete wijzigingsplannen op te treden, sluit het geven van een reactieve aanwijzing niet uit.
De Afdeling verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep van de gemeente Bunschoten tegen de reactieve aanwijzing is ongegrond verklaard.