ECLI:NL:RVS:2018:2119
Raad van State
- Hoger beroep
- B.J. van Ettekoven
- D.A.C. Slump
- R.J.J.M. Pans
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid staatssecretaris bij toekenning huishoudelijke hulp toelage aan gemeenten
De gemeente Veenendaal had een aanvraag ingediend voor een huishoudelijke hulp toelage (HHT) voor 2015 en 2016, waarvan een deel werd afgewezen door de staatssecretaris van VWS. De staatssecretaris verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens gebrek aan bevoegdheid. De rechtbank oordeelde dat de brief van 12 december 2014 wel een besluit was en dat bezwaar mogelijk was, vernietigde het besluit en herroept het. De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt dat de staatssecretaris formeel niet bevoegd is tot het vaststellen van de HHT, omdat dit exclusief aan de ministers van BZK en Financiën is voorbehouden.
De Afdeling stelt vast dat de staatssecretaris met de brief van 12 december 2014 een besluit heeft genomen dat rechtsgevolgen beoogt, ondanks het ontbreken van formele bevoegdheid, en dat dit besluit aan bezwaar onderhevig is. De rechtbank heeft echter ten onrechte het besluit herroepen en zelf in de zaak voorzien. De staatssecretaris had het bezwaar moeten doorzenden naar de bevoegde ministers. De Afdeling vernietigt daarom het deel van de uitspraak van de rechtbank dat het besluit herroept en gelast de staatssecretaris het bezwaar door te sturen.
De uitspraak benadrukt dat de nadere besluitvorming zich moet beperken tot de afwijzing en niet tot het reeds toegekende bedrag. Daarnaast wordt het griffierecht van de gemeente Veenendaal vergoed. De zaak betreft de juridische vraag naar de bevoegdheid en rechtsbescherming bij decentralisatie-uitkeringen in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning en de Financiële-verhoudingswet.
Uitkomst: De Afdeling vernietigt het deel van de uitspraak dat het besluit herroept en gelast doorzending van het bezwaar naar de bevoegde ministers.