ECLI:NL:RVS:2018:2222
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. Beek Gillessen
- F.C.M.A. Michiels
- H. Bolt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sluiting woonwagen wegens gebruik voor grootschalige drugshandel
De burgemeester heeft op grond van artikel 13b, eerste lid, van de Opiumwet een last onder bestuursdwang opgelegd om een woonwagen in Den Haag voor zes maanden te sluiten. Dit besluit volgde op een politieonderzoek waarbij de woonwagen werd betrokken bij grootschalige drugshandel, ondanks dat er geen drugs in de woonwagen zelf werden aangetroffen.
De rechtbank verklaarde het beroep van de bewoners ongegrond, waarbij werd geoordeeld dat de burgemeester mocht uitgaan van de bestuurlijke rapportage van de politie en dat het bestuursrecht een andere bewijslast hanteert dan het strafrecht. De bewoners stelden in hoger beroep dat de rapportage onvoldoende bewijs leverde en dat de sluitingstermijn onterecht was verlengd tot zes maanden.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de burgemeester terecht uitging van de bestuurlijke rapportage en dat de sluiting voor zes maanden gerechtvaardigd was vanwege verzwarende omstandigheden zoals de hoeveelheid harddrugs, het internationale karakter en de grootschaligheid van de handel. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de sluiting van de woonwagen voor zes maanden wegens gebruik in grootschalige drugshandel.