ECLI:NL:RVS:2018:2346
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vaststelling belanghebbenschap bij omgevingsvergunning reclamemast nabij bestaande masten
Bij besluit van 22 september 2015 weigerde het college van burgemeester en wethouders van Dordrecht een omgevingsvergunning voor het plaatsen van een reclamemast met LED-schermen aan Trust Holding NV. Na bezwaar verleende het college alsnog de vergunning op 25 juli 2016. Interbest B.V., eigenaar van twee reclamemasten op respectievelijk 150 en 228 meter afstand, stelde beroep in tegen deze vergunning, maar de rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk omdat Interbest B.V. volgens de rechtbank geen belanghebbende was.
De Raad van State oordeelt anders en stelt vast dat Interbest B.V. wel degelijk belanghebbende is. De Afdeling bestuursrechtspraak benadrukt dat degene die rechtstreeks feitelijke gevolgen ondervindt van een besluit in beginsel belanghebbende is. De afstand tussen de masten van Interbest B.V. en de nieuwe mast is zodanig beperkt dat de nieuwe mast gevolgen kan hebben voor de verhuurbaarheid van de bestaande masten, omdat de masten vrijwel gelijktijdig zichtbaar zijn voor automobilisten op de A16.
De Raad van State vernietigt daarom het vonnis van de rechtbank Rotterdam en wijst de zaak terug voor inhoudelijke behandeling. Tevens veroordeelt de Afdeling het college tot vergoeding van de proceskosten van Interbest B.V. De uitspraak bevestigt het belang van een zorgvuldige belangenafweging bij vergunningverlening en de reikwijdte van het begrip belanghebbende in het bestuursrecht.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en de zaak terugverwezen voor inhoudelijke behandeling.