ECLI:NL:RVS:2018:2478
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting vreemdelingen in hoger beroep
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 23 oktober 2017 de aanvragen van vreemdelingen om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De vreemdelingen maakten hiertegen bezwaar en de rechtbank verklaarde hun beroepen op 17 april 2018 ongegrond. Vervolgens stelden zij hoger beroep in bij de Raad van State en verzochten om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft op 20 juli 2018 besloten dat de vreemdelingen niet mogen worden uitgezet zolang het hoger beroep loopt. Tevens is bepaald dat zij gedurende deze periode opvang en verstrekkingen ontvangen conform de Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers.
Daarnaast is de staatssecretaris veroordeeld tot het betalen van proceskosten van €501,00, toe te rekenen aan beroepsmatige rechtsbijstand verleend door een derde. Deze beslissing volgt op eerdere jurisprudentie en is bedoeld om de belangen van de vreemdelingen te beschermen tijdens de procedure.
Uitkomst: De vreemdelingen mogen niet worden uitgezet totdat het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.