ECLI:NL:RVS:2018:2538
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- J.J. van Eck
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing verblijfsvergunning asiel op grond van ongeloofwaardigheid seksuele gerichtheid
De vreemdeling uit Uganda had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris werd afgewezen wegens ongeloofwaardigheid van zijn asielrelaas, met name zijn seksuele gerichtheid. De rechtbank vernietigde dit besluit en bepaalde dat de staatssecretaris een nieuw besluit moest nemen, waarbij zij oordeelde dat de ongeloofwaardigheid onvoldoende was gemotiveerd.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak, terwijl de vreemdeling incidenteel hoger beroep instelde. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het hoger beroep van de staatssecretaris gegrond verklaard en het incidenteel hoger beroep van de vreemdeling ongegrond.
De Afdeling overwoog dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat bepaalde inconsistenties in verklaringen van de vreemdeling niet relevant waren voor de geloofwaardigheidsbeoordeling van zijn seksuele gerichtheid. De integrale beoordeling van de geloofwaardigheid moet alle aspecten en verklaringen in samenhang bezien. De staatssecretaris had de ongeloofwaardigheid van de seksuele gerichtheid deugdelijk gemotiveerd, waardoor de rechtbank het besluit ten onrechte had vernietigd.
De Afdeling vernietigde daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt gegrond verklaard en het beroep van de vreemdeling ongegrond, waarbij de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.