ECLI:NL:RVS:2018:2619
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- H.G. Lubberdink
- G.T.J.M. Jurgens
- Rechtspraak.nl
Weigering omgevingsvergunning voor uitbreiding hekwerk in strijd met bestemmingsplan
Appellant verzocht om een omgevingsvergunning voor het plaatsen van een houten hekwerk van 1,5 meter hoog als uitbreiding van een bestaand hekwerk rondom vier kadastrale percelen. Het college weigerde de vergunning omdat het hekwerk in strijd zou zijn met het bestemmingsplan "Stuwwalrand Parkzone Zuid". De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en bevestigde dat het hekwerk niet omgevingsvergunningvrij kon worden geplaatst en niet paste binnen het bestemmingsplan.
Appellant stelde dat het hekwerk omgevingsvergunningvrij was op grond van het Besluit omgevingsrecht omdat het in functionele relatie zou staan tot het woonperceel. De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat de planologische bestemming doorslaggevend is en dat het hekwerk op een deel met de bestemming "Bos en natuurgebied" ligt, terwijl het woonperceel een andere bestemming heeft. Hierdoor is geen functionele relatie aanwezig.
Verder betoogde appellant dat het hekwerk ten behoeve van de natuurbestemming werd geplaatst en dat het college onterecht niet wilde afwijken van het bestemmingsplan. De Afdeling oordeelde dat het hekwerk primair dient als erfafscheiding voor de woonbestemming en dat het college terecht geen afwijking verleende vanwege het belang van open natuurgebieden voor de doorstroming van wild.
Ten slotte wees de Afdeling het beroep af op grond van het gelijkheidsbeginsel omdat een eerder verleende vergunning op een ander deel van het perceel gebaseerd was op onjuiste bestemmingsgegevens. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de omgevingsvergunning bevestigd.