ECLI:NL:RVS:2018:2788
Raad van State
- Hoger beroep
- J.J. van Eck
- R. van der Spoel
- D.A. Verburg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boeteoplegging wegens tewerkstelling zonder vergunning van Kroatische werknemers
De staatssecretaris legde het bedrijf een boete van €16.000 op wegens overtreding van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav) door tewerkstelling van twee Kroatische vreemdelingen zonder de vereiste vergunningen gedurende de periode van 8 oktober 2014 tot en met 24 november 2014.
Het bedrijf stelde dat de boete in strijd was met het ne bis in idem-beginsel omdat eerder al een boete was opgelegd voor dezelfde feiten, en voerde aan dat de vreemdelingen als zelfstandigen zonder personeel (zzp'ers) werkten, wat de boete zou moeten weerleggen. De Raad van State oordeelde dat het hier ging om twee verschillende overtredingen, namelijk de periode tot 7 oktober 2014 en de periode daarna, en dat het ne bis in idem-beginsel niet van toepassing is.
Verder werd geoordeeld dat de verklaringen van de vreemdelingen en het bedrijf voldoende bewijs leverden dat sprake was van een gezagsverhouding en dat de vreemdelingen als werknemers moesten worden beschouwd. De inschrijving als zzp'ers was niet doorslaggevend. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de boete van €16.000 wegens tewerkstelling van Kroatische vreemdelingen zonder vergunning en verklaart het hoger beroep ongegrond.