ECLI:NL:RVS:2018:2853
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R.J.J.M. Pans
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan voor antennemast wegens strijd met Awb artikel 3:46
De raad van de gemeente Hoogeveen stelde op 21 september 2017 het bestemmingsplan 'Buitengebied, parapluherziening externe veiligheid en overige milieucontouren' vast, waarin een voormalige hoogspanningsmast werd bestemd als locatie voor een antennemast. Appellanten uit Noordscheschut maakten bezwaar tegen deze bestemming vanwege zorgen over gezondheid, uitzicht, communicatie en alternatieve locaties.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de raad de procedure correct had gevolgd en dat het Nationaal Antennebeleid niet bindend is, maar wel in redelijkheid in acht was genomen. Ook was geen sprake van schending van het vertrouwensbeginsel en waren er geen sterke wetenschappelijke aanwijzingen dat de antennemast schadelijk is voor de gezondheid, mits blootstellingslimieten worden gerespecteerd.
De raad had een belangenafweging gemaakt en gemotiveerd waarom de gekozen locatie geschikt was, waarbij alternatieven zoals andere masten of locaties werden onderzocht en afgewezen. Wel oordeelde de Afdeling dat de raad onvoldoende had gemotiveerd waarom in afwijking van het gemeentelijke antennebeleid toch een antennemast tot 40 meter hoogte in het buitengebied was toegestaan, terwijl het beleid juist terughoudendheid voorschrijft.
Daarmee was het besluit in strijd met artikel 3:46 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (motiveringsbeginsel). De Afdeling verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit voor zover het de aanduiding 'zend-/ontvangstinstallatie' betreft. De raad werd opgedragen het plan binnen vier weken aan te passen en het betaalde griffierecht aan appellanten te vergoeden.
Uitkomst: Het bestemmingsplan voor de antennemast is vernietigd wegens strijd met het motiveringsbeginsel van artikel 3:46 Awb.