ECLI:NL:RVS:2018:2912
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen plaatsingsplan ondergrondse restafvalcontainers in Dinteloord
Het college van burgemeester en wethouders van Steenbergen stelde op 20 juni 2017 het plaatsingsplan vast voor ondergrondse restafvalcontainers (ORAC's) in Dinteloord, waaronder een locatie op een strook groen tussen woningen aan de Johan Frisolaan. Appellanten, omwonenden, maakten bezwaar tegen deze locatie en stelden beroep in.
De Raad van State oordeelde dat slechts een deel van de indieners ontvankelijk was omdat zij zienswijzen hadden ingediend. De overige beroepen werden niet-ontvankelijk verklaard. De Afdeling bestuursrechtspraak onderzocht de geschiktheid van de locatie aan de Johan Frisolaan 12 en 14. Daarbij werd vastgesteld dat het college de locatie in overeenstemming met de richtlijnen had aangewezen, met voldoende afstand tot erfgrenzen en woningen, en zonder aantoonbare verkeers- of veiligheidsproblemen.
De door appellanten voorgestelde alternatieve locaties werden door het college terecht ongeschikt bevonden vanwege grotere loopafstanden en technische belemmeringen zoals gasleidingen. De Raad van State vond geen aanleiding om het besluit van het college te vernietigen en verklaarde het beroep voor zover ontvankelijk ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen het plaatsingsplan voor ondergrondse restafvalcontainers in Dinteloord is voor zover ontvankelijk ongegrond verklaard en voor het overige niet-ontvankelijk.