ECLI:NL:RVS:2018:2937
Raad van State
- Herziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening bestuursrechtelijke uitspraak inzake inzage politiegegevens
De zaak betreft een verzoek tot herziening van een onherroepelijke uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 27 mei 2015, waarin het hoger beroep van verzoeker tegen een besluit van de korpschef van de politie werd afgewezen.
Verzoeker stelde dat de voorzieningenrechter ten onrechte had geoordeeld dat de wijze van inzage in politiegegevens in overeenstemming was met artikel 25, eerste lid, van de Wet politiegegevens. De Afdeling overwoog dat herziening slechts mogelijk is op grond van feiten of omstandigheden die voorheen niet bekend waren en die tot een andere uitspraak hadden kunnen leiden.
De Afdeling benadrukte dat een onjuiste rechtsopvatting geen grond voor herziening vormt. Nu verzoeker geen nieuwe feiten aanvoerde die aan de criteria voldeden, werd het verzoek ongegrond verklaard.
Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd op 12 september 2018 door een enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak gewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening van de bestuursrechtelijke uitspraak wordt afgewezen wegens ontbreken van nieuwe feiten die tot een andere uitspraak hadden kunnen leiden.