ECLI:NL:RVS:2018:3338
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing leningverzoek gemeente wegens ontbreken bestuursrechtelijk besluit
Het college van burgemeester en wethouders van Oldebroek wees het verzoek van appellant om een lening af. Appellant maakte bezwaar tegen deze afwijzing, maar het college verklaarde dit bezwaar niet-ontvankelijk omdat de afwijzingsbrief geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) bevatte. De rechtbank oordeelde dat het bezwaar terecht niet-ontvankelijk was en wees het beroep van appellant af.
Appellant voerde aan dat hij een lening op grond van het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz) had aangevraagd en dat de afwijzing daarom wel een bestuursrechtelijk besluit betrof. De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog echter dat het verzoek van appellant een privaatrechtelijk karakter heeft en geen aanvraag in de zin van de Awb is, mede omdat appellant in zijn e-mail duidelijk maakte dat hij geen aanvraag op grond van het Bbz wilde indienen.
Verder stelde appellant dat het college dwangsommen had verbeurd wegens het niet tijdig beslissen, maar ook dit beroep werd verworpen omdat het verzoek geen aanvraag in de zin van de Awb was. De Afdeling beoordeelde de inhoudelijke afwijzing van het leningverzoek niet en bevestigde het oordeel van de rechtbank dat het bezwaar terecht niet-ontvankelijk was verklaard. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.