ECLI:NL:RVS:2018:3442
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhavingsbesluit tegen strijdig gebruik perceel met bestemming Agrarisch-Glastuinbouw
Het college van burgemeester en wethouders van Westland legde appellant een last onder dwangsom op om het gebruik van een perceel in Naaldwijk te staken, omdat dit in strijd was met het bestemmingsplan. Het perceel is deels bestemd voor wonen en deels voor Agrarisch-Glastuinbouw, waarbij appellant het agrarische deel als siertuin en voor privé- en bedrijfsmatig gebruik van een kas aanwendde.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen dit handhavingsbesluit ongegrond. Appellant stelde in hoger beroep dat er concreet zicht op legalisatie bestond vanwege nieuw vastgesteld handhavingsbeleid en dat bijzondere omstandigheden handhaving onredelijk maakten, zoals milieuzonering en het verlies van zijn tuin.
De Afdeling oordeelde dat het nieuwe beleid pas na het handhavingsbesluit was vastgesteld en daarom niet relevant was voor de beoordeling van het concrete zicht op legalisatie. Ook achtte de Afdeling de door appellant aangevoerde bijzondere omstandigheden onvoldoende om af te zien van handhaving. Het belang van het bestemmingsplan en handhaving daarvan weegt zwaarder.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.