ECLI:NL:RVS:2018:3801
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- G.T.J.M. Jurgens
- E.A. Minderhoud
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over planschadevergoeding en redelijke termijn overschrijding
Appellanten hebben bij het college van burgemeester en wethouders van Doetinchem een tegemoetkoming in planschade gevorderd naar aanleiding van bestemmingsplanwijzigingen en verleende vrijstellingen. Het college kende in 2011 vergoedingen toe, die appellanten betwistten. Na diverse procedures vernietigde de rechtbank het besluit van het college uit 2016 vanwege onjuiste aannames over bouwhoogten, maar handhaafde de rechtsgevolgen van het oorspronkelijke besluit uit 2011.
Appellanten stelden in hoger beroep dat de rechtbank ten onrechte de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand liet en dat de schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn te laag was vastgesteld. Tevens voerden zij bezwaren aan tegen de onafhankelijkheid van de planschadecommissie en de wijze van behandeling van het nader advies.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank terecht het besluit van het college handhaafde omdat de toegekende vergoedingen correct waren gemotiveerd. De bezwaren over de onafhankelijkheid van de commissie en de termijn voor reactie op het advies werden verworpen. Ook werd geoordeeld dat de schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn correct was vastgesteld. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.