ECLI:NL:RVS:2018:3932
Raad van State
- Hoger beroep
- J.J. van Eck
- G. van der Wiel
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vaststelling zorgvuldigheid BMA-advies bij afwijzing verzoek uitstel uitzetting vreemdeling
De staatssecretaris wees het verzoek van een vreemdeling om uitstel van uitzetting af vanwege gezondheidsredenen. De rechtbank oordeelde dat het advies van het Bureau Medische Advisering (BMA) tegenstrijdig en onvoldoende gemotiveerd was, waardoor het besluit niet zorgvuldig tot stand was gekomen.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State stelde echter vast dat de rechtbank de BMA-nota's onjuist had geïnterpreteerd. De vermeende tegenstrijdigheden tussen de nota's van juni en augustus 2016 waren niet aanwezig; de BMA-arts had duidelijk gemaakt dat 'exposure' een mogelijke, maar niet verplichte behandeling is en dat de effectiviteit van behandeling afhankelijk is van meerdere factoren.
De Afdeling oordeelde dat het BMA-advies voldoende inzichtelijk en concludent is en dat het ontbreken van een eigen medisch onderzoek door de BMA-arts niet leidt tot onzorgvuldigheid. Het hoger beroep van de staatssecretaris werd gegrond verklaard, de eerdere uitspraken van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het besluit van de staatssecretaris blijft in stand.