ECLI:NL:RVS:2018:3965
Raad van State
- Hoger beroep
- B.J. van Ettekoven
- A.B.M. Hent
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Bevestiging doorhaling inschrijving strafrechtadvocaat wegens onvoldoende toevoegingen
De zaak betreft het hoger beroep van een advocaat tegen het besluit van de raad voor rechtsbijstand om haar inschrijving voor strafrechtelijke rechtsbijstandverlening te beëindigen. De raad stelde dat de advocaat in 2015 onvoldoende strafrechtelijke toevoegingen had ontvangen om te voldoen aan de Inschrijvingsvoorwaarden advocatuur 2015, waaronder een minimumeis van tien strafzaken per jaar en het behalen van opleidingspunten.
De advocaat voerde onder meer aan dat zwangerschapsverlof en het behandelen van andere zaken, zoals massaschadezaken, in aanmerking genomen moesten worden en dat de bezwaarcommissie niet bevoegd was. Ook stelde zij dat de Inschrijvingsvoorwaarden onduidelijk, onredelijk en niet rechtsgeldig waren omdat het goedkeuringsbesluit van de minister niet juist was bekendgemaakt.
De Raad van State oordeelde dat de bezwaarcommissie wel bevoegd was, dat het goedkeuringsbesluit rechtsgeldig was bekendgemaakt en dat de minimumeisen voor strafrechtelijke toevoegingen en opleidingspunten niet onredelijk of willekeurig zijn. De raad mocht de inschrijving doorhalen omdat de advocaat niet voldeed aan de gestelde voorwaarden. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de doorhaling van de inschrijving wegens onvoldoende strafrechtelijke toevoegingen en het niet voldoen aan deskundigheidseisen.