ECLI:NL:RVS:2020:451
Raad van State
- Hoger beroep
- C.J. Borman
- R.J.J.M. Pans
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- Rechtspraak.nl
Beoordeling toekenning extra uren rechtsbijstand in bodemprocedure en executiegeschil bestuursrechtelijke premie
In deze zaak gaat het om het hoger beroep van een advocaat tegen besluiten van de raad voor rechtsbijstand betreffende de toekenning van extra uren rechtsbijstand in een bodemprocedure en een executiegeschil over een bestuursrechtelijke premie.
De raad had in eerste instantie een aantal extra uren toegekend, maar niet in de door de advocaat gevraagde omvang. De advocaat maakte bezwaar en stelde beroep in tegen de besluiten. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. De advocaat voerde in hoger beroep onder meer aan dat de commissie die het bezwaar adviseerde niet rechtsgeldig was samengesteld, dat de uitspraak niet door de juiste rechter was gedaan, dat de raad partijdig was, dat het dossier onvolledig was en dat de redelijke termijn was overschreden.
De Afdeling bestuursrechtspraak verwierp al deze betogen. Uit de beoordeling bleek dat de raad terecht had geoordeeld dat de bodemprocedure en het executiegeschil samenhingen en dat de advocaat zich de problematiek slechts eenmaal hoefde eigen te maken. De door de advocaat gevraagde extra uren waren onvoldoende onderbouwd en niet doelmatig. Ook werd vastgesteld dat de procedure binnen de redelijke termijn was afgehandeld.
De Afdeling bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.