ECLI:NL:RVS:2018:4120
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening bij opschorting uitvoering uitspraak verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid had op 1 augustus 2018 besloten een aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling te nemen. De rechtbank Den Haag verklaarde dit besluit op 3 september 2018 gegrond, vernietigde het besluit en bepaalde dat de staatssecretaris een nieuw besluit moest nemen.
De staatssecretaris stelde hiertegen hoger beroep in en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen, zodat hij de uitspraak van de rechtbank niet hoefde uit te voeren zolang het hoger beroep loopt. De vreemdeling had geen bezwaar tegen deze voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het verzoek kennelijk gegrond was en bepaalde dat de staatssecretaris geen nieuw besluit hoeft te nemen voordat de Afdeling op het hoger beroep heeft beslist. Hierdoor wordt de overdrachtstermijn van de Dublinverordening opgeschort vanaf de dag na de uitspraak.
Uitkomst: De staatssecretaris hoeft geen nieuw besluit te nemen voordat het hoger beroep is beslist, waardoor de uitvoering van de uitspraak wordt opgeschort.