ECLI:NL:RVS:2018:4143
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- J. Kramer
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak over weigering openbaarmaking bedrijfs- en persoonsgegevens toolbox extremisme
De zaak betreft een Wob-verzoek van appellant sub 2 gericht op openbaarmaking van documenten over de toolbox extremisme van de NCTV. De minister heeft dit verzoek deels ingewilligd en deels geweigerd, met name inzake aanbestedingsstukken, concepten, eindproducten en e-mails.
De rechtbank oordeelde dat de minister de e-mails ten onrechte buiten beschouwing liet en dat de weigering van openbaarmaking van bedrijfs- en persoonsgegevens terecht was op grond van artikel 10 Wob Pro. De minister stelde in hoger beroep dat het verzoek niet zag op communicatie over de toolbox, waaronder e-mails, en dat overleg met appellant sub 2 had plaatsgevonden. De Afdeling oordeelt dat het verzoek duidelijk was en dat de minister onvoldoende gemotiveerd heeft geweigerd de e-mails openbaar te maken.
Verder bevestigt de Afdeling dat de minister terecht bedrijfs- en fabricagegegevens en financiële gegevens heeft geweigerd vanwege concurrentiegevoeligheid. Ook is het belang van bescherming van persoonlijke levenssfeer van betrokken ambtenaren en derden zwaarder dan het belang van openbaarmaking. De Afdeling wijst het hoger beroep van appellant sub 2 af en veroordeelt de minister tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De Afdeling bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep van de minister af, waarbij de minister wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.