ECLI:NL:RVS:2018:592
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Hoekstra
- J. Kramer
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek handhaving activiteiten Holterberg wegens te onbepaald verzoek
Appellanten, eigenaren van percelen in Holten, verzochten het college handhavend op te treden tegen diverse activiteiten op de Holterberg, die volgens hen niet in overeenstemming zijn met de bestemming 'Bos'. Het college wees dit verzoek af wegens onvoldoende concreetheid.
De rechtbank oordeelde dat het verzoek te onbepaald was omdat het een algemene opsomming van activiteiten betrof zonder specifieke locaties of tijdstippen, waardoor het college niet verplicht was nader onderzoek te verrichten. Appellanten stelden dat hun verzoek wel concreet was, onder meer door verwijzing naar evenementen met vergunning en het afbakenen van het gebied.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat het verzoek onvoldoende concreet was, omdat het niet duidelijk maakte welke activiteiten waar en wanneer plaatsvonden. Ook het verwijzen naar evenementen met vergunning was onvoldoende gespecificeerd. Het grote gebied en de afstand tot de percelen van appellanten maakten het belang van appellanten bovendien afhankelijk van de aard en locatie van activiteiten, die onvoldoende waren geconcretiseerd.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek om handhaving is bevestigd wegens te onbepaald verzoek.