ECLI:NL:RVS:2018:705
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering handhaving productieactiviteiten bakkerij ondanks klachten over overlast
In deze bestuursrechtelijke zaak staat centraal of de omgevingsvergunning verleend aan een bakkerij in Amsterdam betrekking heeft op zowel verkoop- als productieactiviteiten. Appellanten, wonend boven en nabij de bakkerij, klaagden over stank- en geluidsoverlast en verzochten handhaving tegen de productieactiviteiten.
Het algemeen bestuur had het verzoek om handhaving afgewezen omdat de productieactiviteiten niet in strijd waren met de geldende vergunning en regelgeving. De rechtbank verklaarde het beroep van appellanten ongegrond, waarna zij hoger beroep instelden bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelt dat de omgevingsvergunning, mede gelet op de aanvraag, projectomschrijving en plattegrond, zowel de verkoop- als productieactiviteiten omvat. Appellanten hadden hun bezwaren tegen de vergunning moeten voortzetten, maar hadden hun beroep ingetrokken, waardoor de vergunning onherroepelijk is geworden. Het algemeen bestuur was daarom niet bevoegd om handhavend op te treden tegen de productieactiviteiten.
De Afdeling benadrukt dat het standpunt van het bestuur in de handhavingsprocedure dat productie op grond van het bestemmingsplan zou zijn toegestaan, geen gevolgen heeft voor de reikwijdte van de vergunning. De uitspraak bevestigt de eerdere uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep af.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt dat de omgevingsvergunning ook productieactiviteiten omvat en wijst het hoger beroep af.