ECLI:NL:RVS:2019:1221
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- E. Helder
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit niet tijdig vaststellen uitwerkings- of bestemmingsplan Enkhuizen
Appellanten hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit door de raad van Enkhuizen op hun aanvraag van 21 september 2018 tot vaststelling van een uitwerkings- of bestemmingsplan voor hun gronden. Eerder was vastgesteld dat het college onbevoegd was en dat de raad bevoegd is tot besluitvorming.
De raad heeft niet binnen de gestelde termijn van 14 weken een besluit genomen of een ontwerp ter inzage gelegd, ondanks een ingebrekestelling. De brief van de raad waarin werd gemeld dat voorbereidingen vergevorderd waren, werd niet als besluit aangemerkt. De Afdeling oordeelt dat het beroep gegrond is wegens overschrijding van de beslistermijn.
De raad wordt opgedragen binnen 26 weken alsnog een besluit te nemen, met inachtneming van belangenafweging. Voor iedere dag van niet-naleving wordt een dwangsom van €100 opgelegd, met een maximum van €15.000. Tevens wordt de raad veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellanten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de raad van Enkhuizen wordt opgedragen binnen 26 weken een besluit te nemen onder dreiging van een dwangsom.