ECLI:NL:RVS:2019:1358
Raad van State
- Hoger beroep
- D.J.C. van den Broek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving en dwangsom voor illegaal gebouwd kippenhok op agrarisch perceel
Het college van burgemeester en wethouders van Oss legde aan appellant een last onder dwangsom op om een zonder omgevingsvergunning gebouwd kippenhok op zijn perceel te verwijderen. Appellant stelde dat het college niet bevoegd was tot handhaving omdat in een eerder besluit uit 2007 het kippenhok niet verwijderd hoefde te worden, wat zou neerkomen op een impliciete vrijstelling. De rechtbank oordeelde dat het kippenhok in strijd is met het bestemmingsplan en zonder vergunning is gebouwd, en dat het college bevoegd was tot handhaving.
Appellant voerde verder aan dat bijzondere omstandigheden, waaronder het gewekte vertrouwen dat het kippenhok mocht blijven staan, handhaving zouden moeten verhinderen. De Afdeling overwoog dat het college geen concrete en ondubbelzinnige toezeggingen heeft gedaan die een rechtens te honoreren vertrouwen rechtvaardigen. Ook is de overtreding niet van geringe ernst, zodat het beroep op onevenredigheid faalt.
Het hoger beroep is daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de handhavingsmaatregel met dwangsom bevestigd.