ECLI:NL:RVS:2019:1411
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluiten college Weert inzake planschade varkenshouderij
Appellanten exploiteren een varkenshouderij te Weert en vorderen een tegemoetkoming in planschade vanwege een vrijstellingsbesluit uit 2009 dat het mogelijk maakt een burgerwoning te realiseren op een perceel tegenover hun bedrijf. Dit zou volgens hen hun bedrijfsvoering beperken vanwege strengere geluids- en geurnormen en waardevermindering.
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft in een tussenuitspraak vastgesteld dat onder het oude planologische regime ook een agrarische bedrijfswoning op dat perceel mogelijk was, waardoor het nieuwe vrijstellingsbesluit niet tot een planologisch nadeel leidt. Wel is geoordeeld dat het college ten onrechte een advies heeft gebruikt waarin de geluidsnormen niet correct zijn beoordeeld.
Het college heeft een nieuw besluit genomen waarin het stelt dat beperkingen voortkomen uit een gewijzigde losplaats van vrachtwagens, maar de Afdeling acht dit onwaarschijnlijk en vernietigt ook dit besluit wegens strijd met artikel 7:12 van Pro de Awb.
De Afdeling laat de rechtsgevolgen van het laatste besluit in stand en veroordeelt het college tot vergoeding van proceskosten en een deel van de deskundigenkosten. Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en de eerdere uitspraak van de rechtbank en besluiten van het college worden vernietigd.
Uitkomst: De besluiten van het college van burgemeester en wethouders van Weert worden vernietigd, maar de rechtsgevolgen van het laatste besluit blijven in stand.