ECLI:NL:RVS:2019:1502
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- E. Steendijk
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende medische onderbouwing
De vreemdeling, afkomstig uit Afghanistan en behorend tot de Hazara-bevolkingsgroep, vreesde vervolging door de Taliban en vroeg om een verblijfsvergunning asiel. De staatssecretaris wees de aanvraag af wegens gebrek aan geloofwaardigheid en onvoldoende bewijs.
De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit van de staatssecretaris. De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De kern van het geschil betrof de vraag of de staatssecretaris op grond van een rapport van een GZ-psycholoog en medische informatie van de huisarts de vreemdeling aanvullend had moeten laten onderzoeken door de Forensisch Medische Maatschappij Utrecht (FMMU) om zijn vermogen tot horen te beoordelen.
De Afdeling oordeelde dat het rapport van de GZ-psycholoog niet voldeed aan de vereisten zoals gesteld in eerdere jurisprudentie, omdat het onvoldoende inzicht gaf in de medische onderbouwing van het onvermogen van de vreemdeling om gehoord te worden en uitging van de aanname dat de traumatische gebeurtenissen daadwerkelijk hadden plaatsgevonden. Ook de medische informatie van de huisarts was verouderd en niet relevant voor het vermogen tot horen.
Daarom was er geen aanleiding voor aanvullend onderzoek door de FMMU. Het hoger beroep van de staatssecretaris werd gegrond verklaard, het incidenteel hoger beroep van de vreemdeling ongegrond, en de uitspraak van de rechtbank vernietigd. De zaak werd terugverwezen naar de rechtbank voor verdere behandeling met inachtneming van de overwegingen.
Uitkomst: De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen naar de rechtbank.