ECLI:NL:RVS:2019:1562
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bestuurlijke boete wegens onrechtmatige onttrekking woning aan woningvoorraad
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam legde appellant een bestuurlijke boete van €13.500 op wegens het zonder vergunning onttrekken van een woning aan de woningvoorraad door het verhuren van kamers aan toeristen. Appellant huurde een woning met meerdere kamers en gebruikte een deel daarvan als Bed & Breakfast.
Appellant voerde onder meer aan dat de toezichthouder onrechtmatig was binnengedrongen en dat hij als hoofdbewoner de woning niet aan de woningvoorraad had onttrokken. De Raad van State oordeelde dat de toezichthouder bevoegd was tot binnentreden en dat het binnentreden aan de wettelijke vereisten voldeed. Verder was appellant niet in staat om aan de voorwaarden voor de vergunningvrijstelling voor Bed & Breakfast te voldoen, met name vanwege het aantal slaapplaatsen en het aantal toeristen.
Ook het beroep op matiging van de boete wegens bijzondere omstandigheden werd verworpen, omdat appellant de verhuur pas staakte na de controle en het pand met bestuursdwang was gesloten. Tevens was appellant niet aannemelijk gemaakt dat hij de boete niet kon betalen. De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: De bestuurlijke boete van €13.500 wegens onrechtmatige onttrekking van de woning aan de woningvoorraad wordt bevestigd.