ECLI:NL:RVS:2019:1621

Raad van State

Datum uitspraak
23 mei 2019
Publicatiedatum
22 mei 2019
Zaaknummer
201903450/3/A3
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Toewijzend
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:29 Awb
Verwijzingen
2 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beperking kennisneming stukken vanwege bescherming persoonlijke levenssfeer

MP Security stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam. De minister voor Rechtsbescherming overhandigde stukken met gegevens over leden van een motorclub, waaronder strafrechtelijke antecedenten, en verzocht op grond van artikel 8:29, derde lid, Awb dat alleen de Afdeling bestuursrechtspraak kennis zou mogen nemen van deze stukken.

De Afdeling voerde een belangenafweging uit waarbij het belang van MP Security om de stukken in te zien werd afgewogen tegen het belang van bescherming van de persoonlijke levenssfeer van de betrokken personen, die geen partij zijn in het geding.

De Afdeling concludeerde dat het belang van bescherming van de persoonlijke levenssfeer zwaarder weegt dan het belang van MP Security om de stukken te mogen inzien. Daarom werd het verzoek van de minister tot beperkte kennisneming van de stukken toegewezen.

De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige geheimhoudingskamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 23 mei 2019.

Uitkomst: Het verzoek van de minister tot beperking van kennisneming van bepaalde stukken wordt toegewezen vanwege bescherming van de persoonlijke levenssfeer.

Uitspraak

201903450/3/A3.
Datum beslissing: 23 mei 2019
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Beslissing op grond van artikel 8:29, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht in het hoger beroep van:
MP Security, gevestigd te Amsterdam,
appellante,
tegen de uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam van 26 maart 2019 in zaken nrs. 19/941, 19/943, 19/948, 19/949, 19/1330 en 19/1488 in het geding tussen:
MP Security
en
de minister voor Rechtsbescherming.
Procesverloop
MP Security heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam van 26 maart 2019 in zaken nrs. 19/941, 19/943, 19/948, 19/949, 19/1330 en 19/1488.
De minister voor Rechtsbescherming heeft een aantal gedingstukken overgelegd en met verwijzing naar artikel 8:29 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) medegedeeld dat uitsluitend de Afdeling kennis zal mogen nemen van deze stukken.
Het betreft een overzichtslijst van leden van motorclub Loudness MC en een uitdraai uit het Justitieel Documentatie Systeem betreffende deze personen.
Overwegingen
1.    De minister heeft de Afdeling wegens het bestaan van gewichtige redenen verzocht te bepalen dat alleen de Afdeling van de hiervoor genoemde stukken kennis zal nemen.
2.    Gelet op artikel 8:29, derde lid, van de Awb beslist de Afdeling of de weigering dan wel beperking van de kennisneming van een stuk gerechtvaardigd is. Deze beslissing vergt een afweging van belangen. Enerzijds speelt hierbij het belang dat partijen gelijkelijk beschikken over de voor het hoger beroep relevante informatie en het belang dat de bestuursrechter beschikt over alle informatie die nodig is om de zaak op een juiste en zorgvuldige wijze af te doen. Daartegenover staat dat de kennisneming door partijen van bepaalde gegevens het algemeen belang, het belang van één of meer partijen en/of het belang van derden onevenredig kan schaden.
3.    De Afdeling heeft kennis genomen van de door de minister overgelegde stukken. De overzichtslijst bevat gegevens over dertien personen met daarbij politiemutaties waaruit blijkt dat zij lid zijn van de motorclub. De uitdraai uit het Justitieel Documentatie Systeem heeft betrekking op diezelfde personen. Hieruit blijkt dat zij strafrechtelijke antecedenten hebben. Kennisneming van deze gegevens door MP Security zal de persoonlijke levenssfeer van de vermelde personen, die geen partij zijn in dit geding, schaden. Naar het oordeel van de Afdeling weegt het belang van eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van de in de stukken genoemde personen zwaarder dan het belang dat MP Security kennis neemt van die stukken.
4.    De Afdeling acht daarom het verzoek tot beperkte kennisneming gerechtvaardigd.
Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek toe.
Aldus vastgesteld door mr. A.W.M. Bijloos, lid van de enkelvoudige geheimhoudingskamer, in tegenwoordigheid van mr. P. Klein, griffier.
w.g. Bijloos    w.g. Klein
lid van de enkelvoudige geheimhoudingskamer    griffier
Uitgesproken in het openbaar op 23 mei 2019